lastbrief
mannelijk (de)/ˈlɑs(t)brif/
Wat is de betekenis van lastbrief?
lastbrief betekent: geschreven opdracht
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- geschreven opdracht
- opdracht gegeven door een predikant of kerkenraadslid
Voorbeelden van "lastbrief" in een zin
- Het was de secretaris der Gedeputeerde Staten, met feestelijk ceremonieel opgehaald uit het Collegie aan de Tweebaksmarkt, die reglementair de procuraties innam: op elke, wegens stad of grietenij verstrekte lastbrief hadden Gedeputeerde Staten de visitatie; zonder attest uit het Collegie bleef ieder mandaat krachteloos; pas nadat Hunne Mogenden de rechtmatigheid ervan hadden onderzocht, vastgesteld en bestempeld gaf de op naam gestelde procuratie officieel toegang tot de Statenvergadering die eerst dan ook, te weten aanstaande donderdag, haar zesweekse zitting beginnen kon.
- Er zullen ook besluiten moeten worden genomen. Welke? Dat is evident: het daadwerkelijk weigeren van de lastbrieven van zo’n gemeente door een classis. Het is warempel toch geen onschriftuurlijke gedachte om zonden te weren uit de gemeenten van Christus?
Vertalingen
Engelscommission, order, mandate
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek