legaat
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- officier bij de oude Romeinen
- pauselijk gezant
zelfstandig naamwoord
- testamentaire beschikking waarbij de erflater aan een persoon bepaalde goederen nalaat
- de goederen in die beschikking genoemd
Etymologie
* [B] Middelnederlands legaet, leenwoord uit Latijn lēgātum (n).
Vertalingen
Engelslegate, bequest, devise
Franslégat, legs
DuitsLegat, Vermächtnis, Legat
Spaanslegado, legado papal, legado
Italiaanslegato
Poolszapis
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek