leren

/ˈlerə(n)/

Wat is de betekenis van leren?

leren betekent: kennis of vaardigheid verwerven

Betekenis

werkwoord
  1. kennis of vaardigheid verwerven
  2. kennis of vaardigheid doen verwerven

Voorbeelden van "leren" in een zin

  • En zo had Giorgos tijd alleen met mijn kinderen, zodat ze elkaar een beetje zouden leren kennen.
  • Kies je eigen weg, maak je eigen keuzes, leer je eigen lessen.
  • We praatten de hele dag en hij leerde me hoe ik veilig een gevaarlijke sneeuwbrug over kon steken door mijn wandelstokken horizontaal te houden voor het geval de sneeuw onder me wegviel en ik in de overdekte ijsrivier terecht zou komen.

Betekenis en uitleg van leren

Leren is het proces waarbij je nieuwe kennis of vaardigheden verwerft door ervaring, studie of oefening. Het kan zowel bewust als onbewust plaatsvinden, en het helpt je om jezelf te ontwikkelen en aan te passen aan nieuwe situaties.

Het woord 'leren' wordt vaak gebruikt in educatieve contexten, zoals op school of tijdens trainingen. Maar het kan ook slaan op het dagelijkse leven, waar je bijvoorbeeld leert van fouten of door interacties met anderen. De nuance van het woord kan variëren van formeel leren in een klaslokaal tot informeel leren in de praktijk.

Voorbeelden

  • Tijdens mijn stage heb ik veel geleerd over teamwork en communicatie.
  • Kinderen leren snel door te spelen en te experimenteren met hun omgeving.
  • Ze zei dat ze nooit te oud is om te leren, zelfs niet als het gaat om nieuwe technologie.

Woordoorsprong

Het woord 'leren' komt van het Oudnederlandse 'laren', wat 'onderwijzen' of 'instructies geven' betekent. Het heeft verwantschap met woorden in andere Germaanse talen die ook het idee van onderwijzen en kennisoverdracht bevatten.

Veelgestelde vragen over leren

Wat is de betekenis van leren?

leren betekent: kennis of vaardigheid verwerven

Hoeveel betekenissen heeft leren?

leren heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je leren in een zin?

Voorbeeld: “En zo had Giorgos tijd alleen met mijn kinderen, zodat ze elkaar een beetje zouden leren kennen.

Etymologie

#van leer vervaardigd

Uitdrukkingen

  • De tijd zal het lerenna verloop van tijd is er bekend hoe het gegaan is
  • Iemand mores lerenwraak op iemand nemen en/of flink zeggen hoe het er voor staat
  • In de nood leert men zijn vrienden kennenals je in moeilijkheden zit merk je wie echt je vriend is
  • Jong geleerd is oud gedaanhoe eerder men iets leert, des te langer de vaardigheid zal blijven
  • Met vallen en opstaan (leren)door mislukkingen leren
  • Nood leert biddenin nood leert men anderen om hulp vragen
  • Omstaan lerenleren schikken naar de wensen en bevelen van een ander
  • Op een oude fiets moet je het lerenHet is niet nodig om iets te oefenen of een vaardigheid aan te leren door gebruik te maken van het allernieuwste materiaal

Vertalingen

Engelslearn, teach
Fransapprendre, apprendre
Duitslernen, lehren
Spaansaprender
Italiaansimparare, insegnare
Poolsuczyć się, uczyć