levensmiddelenwinkel
mannelijk (de)/ˈlevə(n)sˌmɪdələ(n)ˌwɪŋkəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bedrijf waar particulieren hun voedsel en dagelijkse benodigdheden kunnen kopenToen postbode Sietze in Molenend (…) opgroeide, waren er in het dorp een levensmiddelenwinkel, een groentezaak, een café en twee bakkers.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek