liaspen

mannelijk/vrouwelijk (de)/liˈjɑspɛn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gereedschap (gereedschap) voet [7] met daarop een prikker die verticaal omhoog steekt, bestemd om papieren op vast te prikken zodat ze niet kunnen wegwaaien en desgewenst in tijdsvolgorde op elkaar blijven liggen
    Tenslotte komen nummer en prijs terecht bij de man, die beide op de liaspen steekt. Aan die pen wordt de uiteindelijke bewijskracht ontleend, als er een conflict ontstaat over de aanspraak op een prijs in de Staatsloterij.