linkerhoek

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plaats waar twee zijdes bij elkaar komen aan de linkerkant
    Zij zag, hoe de bloem van het gezelschap zich in de linkerhoek van de zaal verzameld had.
    Even later tekende Lewandowski wel voor zijn tiende Champions League-treffer. Oud-Ajacied Maximilian Wöber ging het duel met de Poolse spits veel te lomp in, waarna Lewandowski zijn zelf verdiende strafschop snoeihard in de linkerhoek schoot: 1-0.