liplezen

/ˈlɪplezə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) trachten door naar de beweging van iemands mond en diens lichaamstaal te kijken, te begrijpen wat er gezegd wordt, zonder het geluid te kunnen waarnemen
    De geschreven en lipgelezen taal was voor haar een moeizaam bestudeerde vreemde taal [.].