loelav

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈlulɑf/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. palmtak, een van de vier soorten planten (arbaä miniem) in de plantenbundel die wordt gebruikt op Soekot
  2. plantenbundel die wordt gebruikt op Soekot (uitbreiding van de eerste betekenis)

Etymologie

* Herkomst: Hebreeuws

Vertalingen

Engelslulav