loelav
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈlulɑf/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- palmtak, een van de vier soorten planten (arbaä miniem) in de plantenbundel die wordt gebruikt op Soekot
- plantenbundel die wordt gebruikt op Soekot (uitbreiding van de eerste betekenis)
Etymologie
* Herkomst: Hebreeuws
Vertalingen
Engelslulav
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek