logeren
/xxxx/
Wat is de betekenis van logeren?
logeren betekent: (ov) (iemand) in huis opnemen, herbergen
Betekenis
werkwoord
- (ov) (iemand) in huis opnemen, herbergen
- (inerg) (bij iemand) blijven slapen
Voorbeelden van "logeren" in een zin
- Tom heeft laatst zonder problemen een volstrekte vreemde gelogeerd.
- De jongen mocht logeren bij een vriendje.
- Ik ging bij haar logeren en mijn dagen vulden zich met huishoudelijke bezigheden, boodschappen, administratie, voorlezen en verzorging.
- Ik kende Nadja uit mijn jeugd, omdat ze in de zomer altijd hvee maanden kwam logeren bij haar oma, die een huisje had naast de boerderij van Milan.
Etymologie
*afgeleid van het Franse loger () [https://fr.wiktionary.org/wiki/loger Wiktionnaire]
Vertalingen
Engelsstay
Fransloger
Spaansalojarse, estar convidado, hospedarse
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek