logica
vrouwelijk (de)/ˈloɣiˌka/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (filosofie), (wiskunde) tak van de wetenschap die zich bezighoudt met de formele regels van het denken, traditioneel als onderdeel van de filosofie maar ook wel van de wiskunde
Etymologie
*afgeleid van het Griekse 'logikè' ([de rede betreffend])
Vertalingen
Engelslogic
Franslogique
DuitsLogik
Spaanslógica
Italiaanslogica
Japans論理学, ろんりがく, ronrigaku
Poolslogika
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek