loonstrook

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. overzicht over een bepaalde periode van het geld dat een werknemer van zijn baas ontvangt, met een verantwoording hoe dit bedrag is berekend en welke bedragen daarover zijn ingehouden als belasting of voor sociale fondsen
    `Ik zie het graag terug op mijn loonstrookje.'
    Hij ging er vanuit dat de reiskostenvergoeding was stopgezet bij zijn aantreden als fractievoorzitter, maar dat bleek niet zo. "Ik heb na het verzoeken tot stopzetten niet op m'n loonstrook gekeken of alles ook was doorgevoerd. Dat was stom. Vanzelfsprekend heb ik deze vergoeding inmiddels teruggestort."

Vertalingen

Engelspay slip, paychecks