loop

mannelijk (de)/lop/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voorste deel van een wapen
  2. route van een rivier
  3. voortgang
    In de loop van de avond.
    In de loop van het gesprek.
    Kritisch te kijken naar wie je bent geworden en te reflecteren op de minder fraaie eigenschappen die er in de loop van de jaren zijn ingeslopen.
  4. het lopen of hardlopen

Vertalingen

Engelsbarrel
Franscanon
DuitsLauf
Spaanscañón
Italiaanscanna
Russischствол
Poolslufa
Zweedslopp, pipa