lymeziekte

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) ziekte die kan ontstaan na een beet met een met de Borreliabacterie besmette teek
    Het RIVM richtte afgelopen jaar, samen met de Lymevereniging, het AMC en het Radboudumc, het Nederlands Lymeziekte-expertisecentrum (NLe) op dat onderzoek naar de ziekte doet.
    „Er wordt hard gewerkt om patiënten goed te betrekken bij behandeling en onderzoek. Zo heeft het Nederlands Lymeziekte-expertisecentrum bij het bepalen van nieuwe onderzoeksprioriteiten samengewerkt met de patiëntvertegenwoordigers.”

Etymologie

* uit het Engels