woorden
boek
Start
›
M
›
machten
machten
/ˈmɑxtə(n)/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
vertalinɡ van צבאות (tsevaot) ook: "leger, heerscharen" zoals dat op meerdere plaatsen in de Bijbel wordt gebruikt, gekoppeld aan de naam van God
Verwante woorden
mach
macha
Macharen
Machatsjkala
Machelen
macher
machers
machete
machetes
Machiavelliprijs
machiavellisme
machiavellist
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← machtelozer
machtenscheiding →