maisplant
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈmɑjsplɑnt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (plantkunde) een plant waaraan maiskolven groeienHet ontwerp van het doolhof is door de familie zelf bedacht. Ze moesten wel vijfduizend maisplanten verplaatsen om stukken dicht te krijgen en andere open te houden, zodat blinde paden ontstaan. Monnikenwerk. Puck vroeg zich af of er wel mensen in geïnteresseerd zouden zijn, maar dat bleek al snel het geval.Tubantia 09-AUGUSTUS-2017En op verschillende plaatsen zijn roestvrijstalen pijpen tussen de maisplanten geplaatst of zijn spijkers door de stengels gestoken - met de kennelijke bedoeling landbouwmachines te beschadigen of de geoogste mais met metaaldeeltjes te verontreinigen.Volkskrant Sander van Walsum 15 oktober 2017
Vertalingen
Engelsmaize, corn
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek