Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
mandeligheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (juridisch) bijzondere vorm van gebonden mede-eigendom over een onroerend goed, bijv. een scheidingsmuur, heg, pad of gracht (of sloot) tussen twee akkers, dat nuttig is voor twee of meer aanpalende ervenMet betrekking tot de gemene muur was sprake van mandeligheid.
Etymologie
* afleiding van mandelig
Vertalingen
Fransmitoyenneté
DuitsGemeinschaftseigentum
Spaansmedianería
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek