Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

mangrovevink

mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een van de zangvogels uit de grote Amerikaanse familie (tangaren). Veertien vogels werden in 1899 door een Amerikaanse wetenschappelijke expeditie verzameld en in 1901 geldig beschreven. De vogelsoort behoort tot de groep van de darwinvinken en komt als endemische soort alleen voor op de Galapagoseilanden