mankracht
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de kracht van een mens, het arbeidsvermogen van een mensDe beschikbaarheid van mankracht en energie tegen lage kosten waren voorvereisten voor de ontwikkeling van de mijnbouw in de Witwatersrand.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek