marineofficier

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bevelvoerder van de vloot
    Een knappe robuuste man van middelbare leeftijd in het uniform van een gepensioneerd marineofficier sprak in een van de zalen en men verdrong zich om hem heen.
    In Rome zijn een Italiaanse marineofficier en een Russische diplomaat, die ook militair is, aangehouden op verdenking van spionage. Naar aanleiding van deze zaak heeft de Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken besloten om de Rus en diens leidinggevende bij de ambassade het land uit te zetten.