Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
marmeladestruik
mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) een plant uit de nachtschadefamilie (). Het is een tot 2,5 m hoge struik met lange, dunne, behaarde, vaak overhangende twijgen. De bladeren zijn afwisselend geplaatst, eirond tot elliptisch, 2-5 cm lang, aan de onderkant behaard en tussen de nerven iets opgewelfd
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek