marsorde
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de richting waarin de troepen zich bewegenDe overgeblevenen van het regiment dat zojuist in gevecht was geweest ordenden zich haastig en trokken naar rechts; achter hen naderden in marsorde de twee bataljons van het zesde jagersregiment die de achterblijvers opzij drongen.
- de opstelling van de troepen tijdens een mars
- de richting waarin een politieke beweging zich ontwikkeltHet CDH ziet zichzelf als speler in een ‘regeneratie’ van de samenleving. Voorzitter Prévot hamerde daarbij op het belang van participatie, onder meer via de organisatie van grote plenaire vergaderingen een of twee keer per jaar. Dat moet voorkomen dat de marsorde wordt bepaald door een kleine groep aan het hoofd van de beweging. Hij riep de militanten en sympathisanten op ‘concrete actie’ te ondernemen. ‘Door de burger te tonen dat we dagelijks volgens onze waarden leven, dat ze onze inspiratiebron zijn, dat we aan hun kant staan op het terrein, dat we hun vertrouwen zullen verdienen.’
Vertalingen
Engelsorder of march
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek