marteling
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het opzettelijk toebrengen van pijn en letsel aan een gevangene die zich niet weren kanDe martelingen in die gevangenis zijn berucht.
- iets dat heel pijnlijk isIn het kantoor aan de Strandvâgen had het niet gevoeld alsof de bandopname langer duurde dan tien minuten. Hier in de rechtszaal was het alsof die nooit zou eindigen, een eeuwigdurende marteling.
Etymologie
* van martelen .
Vertalingen
Engelstorture, torment
Franstorture
Spaanstortura
Italiaanstortura
Poolstortura
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek