matras
alle geslachten/mɑtrɑs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- lichaamsondersteunend onderdeel van een bedDoordat hij zo zwaar was raakten zijn matrassen altijd snel doorgelegen.De tweehonderd gulden van het schilderij heeft ze onder haar matras verstopt.Ze sleepten zelfs een oud[e] matras vijf kilometer met zich mee.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘beddenzak’ voor het eerst aangetroffen in 1384
Vertalingen
Engelsmattress
Fransmatelas
DuitsMatratze
Spaanscolchón
Russischматрац
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek