mauwen

/ˈmɑuwə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg, dierengeluid (inerg)(dierengeluid) het kenmerkende jankende geluid van een kat voortbrengen
    Vanwege de kalk nam ze een beker melk, ze riep de kat binnen die op de vensterbank zat en ging eten. Hij sprong meteen op het aanrecht en keek haar daarvandaan indringend aan. ‘Eerst ik’, zei Louise en at rustig verder. Maar de kat kende zijn macht en begon aanhoudend te miauwen zodat ze toch opstond en een blikje voor hem opende.

Etymologie

* In de betekenis van ‘het natuurlijke geluid van katten maken’ voor het eerst aangetroffen in 1287

Uitdrukkingen

  • als de katten muizen, mauwen ze niet
  • als katjes muizen, dan mauwen ze niet