meanderen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) bochtig door het landschap kronkelenDe Dortherbeek heeft, getuige de sterk slingerende gemeentegrens, in het verleden sterk gemeanderd.
- (ov) in zijn oorspronkelijke kronkelende loop herstellenDe loop van dit riviertje is vanaf hier al gemeanderd door Het Brabants Landschap.
- (erga) overdrachtelijk langs een kronkelende weg reizenDe reis startte in Delhi van waaruit we naar het zuiden zijn gemeanderd via Agra, Jaipur, Pushkar, Jodhpur en Udaipur.
- (ov) kronkelend afwerken bij het naaienDe rand heb ik met de machine gemeanderd om 'm wat extra stevigheid te geven.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek