medevluchter
mannelijk (de)/ˈmedəˌvlʏxtər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- persoon die samen met iemand ander uit een gevangenis vluchtMalraux vertelt hoe hij, na zijn ontsnapping uit een krijgsgevangenkamp, zijn medevluchter, de latere aalmoezenier van de verzetsgroeperingen uit Vercors, terugvindt in een verlaten dorp.
- wielrenner die samen met iemand anders de grote groep tijdens een wielerwedstrijd verlaat door weg te sprinten
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek