meivis
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vissen die in het voorjaar gevangen wordenIn het project werken inwoners, organisaties en overheden langs de Rijn samen om de leefbaarheid van de rivier te verbeteren voor niet alleen de zalm, maar ook voor de zeeforel, meivis en lamprei.
Vertalingen
Engelsrock herring, alewife, twaite shad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek