melk
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈmɛlᵊk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- voedzaam vocht uit de melkklieren van vrouwelijke zoogdieren' Lawries hand bleef op de deur van de ijskast liggen. 'O. Sorry. En dan ratel ik maar door over ' 'Geeft niet. Nee, echt.' Ik was ineens verlegen en wilde dat hij gewoon de melk pakte en zich daar verder mee bezighield.' 'Rwanda? Waar die genocide was?' Ik herinner me vaag het beeld van een peuter die op het dode lichaam van zijn moeder zit en verwoed probeert om nog wat melk uit haar levenloze borst te zuigen.
- witte vloeistof (suspensie) van andere herkomst, bijvoorbeeld van soja of kokosnoot (sojamelk resp. kokosmelk)
- (veeteelt), (drinken) zuivelproduct geschikt voor menselijke consumptie
Etymologie
:Slavisch: : молоко; : mliko, : mléko; : meleko, : мляко, : mleko
Uitdrukkingen
- Als het melk regent, staan mijn schotels omgekeerd
- De ( of zijn) melk ( of room) optrekken — Stoett-1496 [http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01 www.dbnl.org]
- de kat bij de melk zetten
- De kat bij de melk zetten — Iemand erg in de verleiding brengen
- Een land van melk en honing zijn — een land waar het goed en voorspoedig leven is
- Veel in de melk te brokkelen (of brokken) hebben — veel invloed ergens hebben
Vertalingen
Engelsmilk
Franslait
DuitsMilch
Spaansleche
Italiaanslatte
Portugeesleite
Russischмолоко
Chinees奶
Japans乳
Koreaans우유
Arabischحليب
Turkssüt
Poolsmleko
Zweedsmjölk
Deensmælk
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek