Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

melkwitte arkschelp

mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. tweekleppigen (tweekleppigen) een dikschalige en langgerekte schelp. De top ligt niet in het midden. De buitenkant heeft een duidelijke traliewerksculptuur. Het slotgedeelte bestaat uit een ononderbroken rij tandjes en is het smalst onder de top. Lengte tot 18 mm, hoogte tot 9 mm. Meestal kleiner

Etymologie

* (coll)