menigte

vrouwelijk (de)/ˈmenəxtə/

Wat is de betekenis van menigte?

menigte betekent: grote groep mensen dicht op elkaar

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. grote groep mensen dicht op elkaar
  2. grote hoeveelheid

Voorbeelden van "menigte" in een zin

  • De menigte was op weg van het station naar het stadion.
  • Toen ik dat gedicht voorlas, had ik zijn gezicht niet in de menigte opgemerkt.
  • Om je geliefde in een menigte te zoeken, zijn blik te vangen en te voelen dat je daar, bij hem, thuishoort - het leek mij onmogelijk.

Etymologie

*van Middelnederlands "menichte", in de betekenis van ‘grote hoeveelheid’ aangetroffen vanaf 1280; op te vatten als afgeleid van "menig"

Vertalingen

Engelscrowd
DuitsMenge
Spaansmultitud, enjambre
Poolstłum