merg

onzijdig (het)/ˈmɛrᵊx/

Wat is de betekenis van merg?

merg betekent: (anatomie) zacht weefsel in de kern van een bot

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) zacht weefsel in de kern van een bot
  2. parenchymatische binnenste gedeelte van de plantenstengel of wortel

Voorbeelden van "merg" in een zin

  • Als het merg is aangetast door radioactiviteit worden er geen rode bloodlichaampjes meer aangemaakt.

Etymologie

*(erfwoord) via Middelnederlands "march" van Oudnederlands "marg", in de betekenis van ‘substantie in beenderen’ aangetroffen vanaf 891

Vertalingen

Engelsmarrow, pith
Fransmoelle, moelle
DuitsMark, Knochenmark, Mark
Spaansmédula, tuétano
Japans
Poolsszpik, rdzeń
Zweedsbenmärg, märg