merk

onzijdig (het)/ˈmɛrᵊk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een kenteken aangebracht ter identificatie van iets, (merkteken, teken)
    Je kunt dat merkje er nu wel afhalen.
  2. handel (handel) een symbool of naam voor producten van een bepaalde producent of handelsonderneming
    Die computer is van een vrij onbekend merk.

Etymologie

* In de betekenis van ‘teken’ voor het eerst aangetroffen in 1323

Uitdrukkingen

  • Een sterk merkEen merk met veel aanzien

Vertalingen

Engelslabel, mark, brand
Fransenseigne
DuitsLabel, Markenzeichen, Marke
Spaansmarca, marca