Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
messenkoker
mannelijk (de)/ˈmɛsə(n)ˌkokər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- huls voor een of meer snijwerktuigen'k 'Em èrepels gekroje vor Timmers, antwoordde Fons met een schichtige blik op de rammelende messenkoker van de slachter.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek