meubelmakerij
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bedrijf waar een meubelmaker meubels maakt; bedrijf waar men meubels produceertU denkt warempel dat ik in de eerste instantie werkelijk een conciërge ben, maar welbeschouwd ben ik van mijn eigen aspect meubelmaker, kom ik uit de meubelmakerij.De brand brak uit in een pand op een industrieterrein waarin verschillende bedrijven zijn gevestigd, waaronder een meubelmakerij. Er waren geen mensen aanwezig en er is niemand gewond geraakt.
Etymologie
* afleiding van meubelmaker
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek