meubelzaak
mannelijk/vrouwelijk (de)
Wat is de betekenis van meubelzaak?
meubelzaak betekent: een winkel waar men meubels verkoopt
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een winkel waar men meubels verkoopt
Voorbeelden van "meubelzaak" in een zin
- In een meubelzaak aan de Rozengracht deed ik haar die middag de moderne uitschuiftafel cadeau waar ze al eerder haar oog op had laten vallen.
- Des Bouvrie werd in 1942 geboren in Naarden, waar hij in de jaren 90 interieur-designcentrum en restaurant Het Arsenaal vestigde, in een monumentaal militair pand uit de 17e eeuw. Hij groeide op als enig kind van ouders die een meubelzaak hadden in Bussum. Na een opleiding aan de Rietveld Academie begon hij voor zichzelf als meubelmaker.
Veelgestelde vragen over meubelzaak
Wat is de betekenis van meubelzaak?
meubelzaak betekent: een winkel waar men meubels verkoopt
Welk woordgeslacht heeft meubelzaak?
meubelzaak is een mannelijk/vrouwelijk (de).
Wat zijn synoniemen van meubelzaak?
Synoniemen van meubelzaak zijn: meubelwinkel.
Hoe gebruik je meubelzaak in een zin?
Voorbeeld: “In een meubelzaak aan de Rozengracht deed ik haar die middag de moderne uitschuiftafel cadeau waar ze al eerder haar oog op had laten vallen.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek