minachtend

/ˈmɪnɑxtənt/

Betekenis

werkwoord
  1. zonder respect
    Ik moet vooral mijn mond houden tijdens het kijken. Woensdag, bij Real - Manchester City waagde ik te vragen wie 'die witten' waren. Mijn zoontje zuchtte: ,,Je ziet heel veel mensen in het wit op de tribune, dus dat is de ploeg die thuis speelt, Real. Mijn dochter met onverholen minachtende blik: ,,Weet je niet dat het uittenue van Manchester geel is? Thuis spelen ze in blauw. Als je me niet gelooft, google je maar. Tubantia Angela de JOng 10-01-17 [https://www.tubantia.nl/show/toch-nog-puntje-voor-mama~a8006c47/ Toch nog puntje voor mama]
    Soms begrijp ik de beslissingen van mijn mensen ook niet. Dit geeft juist misverstanden”, erkende Uilenberg, die de minachtende woorden na afloop van Utrecht-assistent John van Loen over Nijhuis sterk afwees. Tubantia Erik Hogeboom 14-01-08 [https://www.tubantia.nl/fc-twente/gelijkmaker-fc-twente-scheidsrechterspech~a9a28af3/ Gelijkmaker FC Twente 'scheidsrechterspech']
    PvdA-Kamerlid Ronald Plasterk beticht VVD-lijsttrekker en premier Mark Rutte van een minachtende houding. Plasterk deed dat woensdag bij Knevel en Van den Brink. Tubantia 22-08-12 [https://www.tubantia.nl/binnenland/plasterk-beticht-rutte-van-minachting~a7cc0b24/ Plasterk beticht Rutte van minachting]

Vertalingen

Engelsdisdainfully, contemptuous, sneering