misbruiken
/mɪzˈbrœykə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) op een slechte wijze, d.w.z. overdadig gebruik maken van iets (drank, drugs, toegewezen privileges, e.d.)Hier praat je over mensen die drugs misbruiken, daardoor ontremder gedrag vertonen en overgaan tot verwervingscriminaliteit: op botte wijze inbreken en overvallen.Hij misbruikte de toegang die hij uit hoofde van zijn functie tot deze gegevens had.
- (ov) (pregnant) (iemand) op seksuele wijze mishandelen en uitbuitenHij misbruikte zijn dochter keer op keer.
- (ov) op laakbare wijze van iets (macht, naamgeving, positie, e.d.) gebruik maken voor een doel waarvoor het niet bedoeld is
Etymologie
* (werkwoord niet langer bestaand vgl gebruiken)
Vertalingen
Fransabuser, mésuser
Duitsmissbrauchen
Spaansabusar
Italiaansabusare
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek