misdraging
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- gedrag dat niet door de beugel kan; strafbare handeling; slechte gedragingen'En die andere kleine misdraging?' vroeg hij.Haar misdragingen hadden dus ongetwijfeld op hoog niveau plaatsgehad - ik vermoedde dat de koning in eigen persoon erbij betrokken was geweest, zoals in zoveel schandaaltjes.
Etymologie
*(nomact) van misdragen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek