mishagen

Betekenis

werkwoord
  1. onpr (onpr) niet aanstaan, niet behagen
    Hem mishaagde zeer dat zij niets van hem weten wilde.
  2. ov (ov) ontstemd worden
    De goden waren hierover zeer mishaagd

Etymologie

* In de betekenis van ‘niet aanstaan’ voor het eerst aangetroffen in 1461

Vertalingen

Engelsdisplease
Fransdéplaire
Duitsmissfallen
Spaansdisgustar, desplacer, displacer