moa

mannelijk (de)/ˈmowa/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. benaming voor grote loopvogels die leefden in Nieuw-Zeeland uit de orde
    De loopvogel leefde tussen de 66 en 56 miljoen jaar geleden en vervoegt het intussen indrukwekkende lijstje met voorbeelden van gigantische uitgestorven fauna in Nieuw-Zeeland, waaronder ’s werelds grootste papegaai, een enorme adelaar, een grote ‘gravende vleermuis’, de moa en andere reusachtige pinguïns.
    Dat zo'n enorme vogel juist in Nieuw-Zeeland wordt gevonden, is niet opmerkelijk. Het land staat bekend om zijn grote vogels, zoals de uitgestorven moa, grote ganzen, kraanvogels en adelaars.