mobiliteit
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het mobiel zijn
- beweeglijkheid, bewegelijkheid
Etymologie
*Van het Engelse mobility of het Franse mobilité, van het Latijnse 'mobilitas' of van mobiel
Vertalingen
Engelsmobility
Fransmobilité
DuitsMobilität
Spaansmovilidad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek