mode
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈmodə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de smaak waarin kleding en andere zaken op een moment het meest gewaardeerd worden in principe van voorbijgaande aardGeruite hemdjes zijn vandaag helemaal in de mode.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘trend’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1574
Vertalingen
Engelsfashion
Fransmode
DuitsMode
Spaansmoda
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek