module

mannelijk/vrouwelijk (de)/moˈdylə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. min of meer zelfstandig onderdeel van een groter geheel
    Diep in de nacht wordt ook de eerste nieuwe module neergelaten en aangesloten, zo vertellen technici Alex Enzenhöger en Godefroy Vannoye de volgende ochtend in het controlecentrum van de neutrinotelescoop.
    In de module daarachter fietst Chie met opeengeklemde kaken en de stand op hoog terwijl ze met de pedaalslagen meetelt.
  2. onderwijs (onderwijs) een blok lesmateriaal dat een min of meer afgesloten geheel vormt
  3. biologie (biologie) deel van een modulair organisme

Vertalingen

Spaansmódulo