molen

mannelijk (de)/ˈmolə(n)/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. techniek (techniek) een installatie die de stroming van lucht of water als energiebron gebruikt voor het aandrijven van allerlei machines
    Voor het droogmalen van de polders werden windmolens ingezet.
  2. werktuigbouwkunde (werktuigbouwkunde) een op andere energiebron dan lucht of water werkende machine, die om zijn roterende werking worden benut
    Het cement wordt voortdurend in beweging gehouden door een betonmolen.
  3. allerlei voorwerpen en constructies waarvan het om een as ronddraaien een kenmerkende eigenschap is
    De zweefmolen? Nee, dat vond ze maar niks.

Etymologie

*via Middelnederlands molen van Laatlatijn molina

Uitdrukkingen

  • Dat is koren op zijn molen.
  • olmen

Vertalingen

Engelsmill
Fransmoulin
DuitsMühle
Spaansmolino
Italiaansmulino
Portugeesmoenda, moinho
Koreaans방아, 방앗간
Turksdeğirmen
Poolsmłyn
Deensmølle