mondmasker

onzijdig (het)/ˈmɔntmɑskər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kapje dat voor de mond wordt geplaatst teneinde inademing van stof, gevaarlijke stoffen of ziekteverwekkers te voorkomen
  2. industrie (industrie) masker dat voor de mond wordt geplaatst teneinde inademing van zuurstof of met zuurstof verrijkte lucht te "vergemakkelijken"

Etymologie

*, voor het eerst aangetroffen in 1905, zie vindplaats hieronder