moraal
mannelijk/vrouwelijk (de)/moˈral/
Wat is de betekenis van moraal?
moraal betekent: waarden en normen, wat men denkt over goed en slecht
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- waarden en normen, wat men denkt over goed en slecht
- de morele les van een verhaal
Voorbeelden van "moraal" in een zin
- Wat is de moraal van een bank die een salarisverhoging voor de top verdedigt die in de miljoenen loopt en tegelijk de meest kwetsbare werknemers iedere zekerheid wil onthouden? [http://www.nu.nl/economie/4027174/minister-asscher-haalt-ing.html www.nu.nl]
- Het is natuurlijk een zonde om op kerstavond te applaudisseren, gelukkig dat ik niet de moraal van mijn grootmoeder heb geërfd.
- Eerst komt het vreten, dan de moraal.
- De moraal van het verhaal is heel duidelijk: men moet vergiffenis schenken aan diegenen die oprecht berouw betonen, ook al zijn het vijanden; pas dan verkrijgt men zelf vergiffenis voor zijn zonden.
Etymologie
* Ontleend aan het Franse morale (moraliteit, ethiek, zedenles)
Vertalingen
Engelsmoral, morals
Spaansmoral, moraleja
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek