mos

onzijdig (het)/mɔs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. primitieve sporenplant
    Zij deed er water in en toen allerlei geheimzinnige kruiden, een beetje aarde, glanzende stenen, mossen en planten.

Etymologie

* In de betekenis van ‘plantjes’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1091

Uitdrukkingen

  • Een rollende steen vergaart geen mosiemand die slechts kort ergens werkzaam is, komt niet vooruit

Vertalingen

Engelsmoss
Fransmousse
DuitsMoos
Spaansmusgo
Italiaansmusco
Russischмох
Poolsmech