mountainbike

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. fiets met minimaal 24 versnellingen, dikke banden en een recht stuur, geschikt om mee over onregelmatig terrein te fietsen

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘terreinfiets’ voor het eerst aangetroffen in 1989

Vertalingen

Engelsmountain bike
Fransvélo tout terrain, VTT
DuitsGeländerad
Spaansbicicleta de montaña, bici montaña
Russischго́рный велосипе́д