Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

mouwveeg

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈmɑuvex/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wissende of poetsende beweging met een door een kledingstuk bedekte arm
    Nog een haastige slok wijn, een mouwveeg langs de mond, stuk brood (…) in de hand, en het personeel sloft op een drafje naar binnen (…)
    Het natte blauwsel van z'n boezeroen was doorgeloopen langs z'n handen. Z'n hoofd had ie met 'n mouwveeg afgemaakt; blauwe strepen vlekten nu dwars-gek over z'n steenwit gezicht.
  2. figuurlijk (figuurlijk) een zeer geringe inspanning waarmee iets teniet wordt gedaan
    Hun huidige zeven punten voorsprong lijkt vandaag veel, maar ze kunnen na de halvering van de punten met een simpele mouwveeg van de tabel verdwijnen.

Etymologie

* "mouwvegen" zonder de uitgang -en