muilpeer
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈmœylper/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- klap in het gezichtIk heb hem maar een muilpeer verkocht.
Etymologie
*, in de betekenis van ‘klap in het gezicht’ aangetroffen vanaf 1530; net als oorvijg een van vele 'grappige' samenstellingen met vruchtennamen die in de 17e en 18e eeuw gangbaar waren voor dit begrip
Vertalingen
DuitsMaulschelle, Ohrfeige
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek